Een thuiswerkplek die werkt: tafel, stoel, licht en een duidelijke grens

Een laptop op de keukentafel volstaat voor een middag, niet voor jaren. Met een paar doordachte keuzes wordt de thuiswerkplek een plek waar het werk vlot gaat en de avond weer van het gezin is.

Thuiswerk is in veel Vlaamse huishoudens een vast onderdeel van de week geworden. Toch werkt een opvallend groot deel nog altijd aan de eettafel, op een stoel die bedoeld is voor een maaltijd van een uur. Na een paar maanden melden zich de stijve nek, de pijnlijke onderrug en het gevoel dat het werk nooit echt ophoudt.

Een goede thuiswerkplek hoeft geen apart bureau te zijn. Het gaat om een vaste plek die op de juiste hoogte staat, voldoende licht krijgt en die men aan het eind van de werkdag kan verlaten. Hieronder de onderdelen die het grootste verschil maken.

De tafel en de stoel

Een standaard bureautafel is ongeveer 72 tot 75 centimeter hoog. Dat past voor veel mensen, maar niet voor iedereen. De vuistregel: met de schouders ontspannen en de ellebogen in een hoek van ongeveer negentig graden, moeten de onderarmen op het tafelblad rusten. Wie klein is, gebruikt een voetensteun; wie groot is, kan een tafel verhogen met stevige blokken onder de poten.

De stoel verdient de meeste aandacht. Een degelijke bureaustoel is in hoogte verstelbaar, heeft een rugleuning die de onderrug ondersteunt en een zitting die niet tegen de knieholtes drukt. Armleuningen moeten onder het tafelblad kunnen schuiven. Een zit-sta-bureau is een mooie aanvulling, op voorwaarde dat het ook echt gebruikt wordt: een paar keer per dag een tijdje rechtstaan werkt beter dan urenlang staan.

Scherm, toetsenbord en muis

Werken op een laptop betekent bijna altijd naar beneden kijken. Wie meer dan een paar uur per dag thuis werkt, zet de laptop op een standaard en gebruikt een los toetsenbord en een losse muis, of sluit een extra scherm aan. De bovenrand van het scherm hoort ongeveer op ooghoogte, op een armlengte afstand.

  • Bovenrand van het scherm op of net onder ooghoogte
  • Afstand tot het scherm ongeveer een armlengte
  • Toetsenbord recht voor het lichaam, muis er vlak naast
  • Polsen recht, niet geknikt op de rand van de tafel
  • Voeten plat op de grond of op een voetensteun

Licht en geluid

Daglicht is de beste lichtbron, maar zon recht op het scherm of in de ogen is vermoeiend. Ideaal staat de tafel haaks op het raam, zodat het licht van opzij komt. Een scherm met het raam erachter zorgt voor tegenlicht en een scherm met het raam ervoor voor weerspiegelingen. Voor de donkere maanden is een bureaulamp met warmwit licht een goede aanvulling op de plafondverlichting.

Geluid wordt vaak vergeten. In een open living met spelende kinderen of een draaiende vaatwasser is een gesprek voeren lastig. Een gesloten koptelefoon met microfoon helpt, net als een tapijt, gordijnen of een boekenkast die geluid dempt. Wie de keuze heeft, kiest een kamer met een deur.

Een thuiswerkplek is pas goed als men er na het werk ook weer weg kan.

Werk en privé uit elkaar houden

Het grootste nadeel van thuiswerk is dat het werk altijd binnen handbereik ligt. Een vaste plek helpt al: wie niet in de zetel of in bed werkt, houdt die plekken vrij voor rust. Een ritueel aan het begin en eind van de werkdag doet de rest. Sommigen maken 's ochtends een korte wandeling, als vervanging voor de rit naar kantoor; anderen klappen de laptop dicht en leggen hem in een kast.

Ook afspraken met huisgenoten helpen. Een deur die dicht is betekent dat er gewerkt wordt; een vaste middagpauze samen geeft structuur aan de dag. Meldingen op de werk-gsm kunnen na de werkuren uit. Zo blijft de thuiswerkdag een werkdag, en de avond een avond.

Meer in werk en geld